Spreuken 31 gaat over de vrouw, de wijsheid en ook over de shekinah (Geest Gods). In het Hebreeuws is wijsheid vrouwelijk. Wijsheid is de gps om ons gezin te leiden, de navigatie voor onder andere de opvoeding. Soms is wijsheid als het fluisteren van de wind, soms als een stortvloed van regen. Wijsheid gaat samen met de liefde die de vrouw als een zegen over haar kinderen wil uitgieten, zodat de zegen kan stromen. Volgens Spreuken 1:6 begint wijsheid met de vreze des Heren. Vrees of ontzag voor God krijg je door zijn Woord te bestuderen: onze kennis van God groeit. Als we weten wie God is en wie we zelf zijn, dan geeft dat groei in wijsheid en geloof. Daardoor kun je het gezin in liefde en met een zachte hand richting geven. De vrouw is bovendien een chayil, een krijgsman. Ze vecht niet tegen haar man of haar kinderen, maar meestal tegen haar eigen hormonen, waardoor de zachte hand weleens kan wegvallen. Als het haar strijd is om een ‘hulp tegenover hem’ te zijn, om hem naar God toe te ‘duwen’ (wel met zachte hand), dan is dat zegen. Rabbi Rashi, een grote Joodse geleerde, schrijft: ‘De man die een wijze vrouw, die Zijn wil doet en aan Hem toegewijd is, afwijst, verliest een grote schat, want zij is als kostbaar gesteente.’…

LEES DIT ARTIKEL VERDER IN CHARISMA MAGAZINE, APRIL 2021